I let my heartstrings pull me where I want to go

Onder Waar mijn hart vol van is op 10 december 2019

I let my heartstrings pull me where I want to go, schreef ik een poosje terug in mijn notities-app, en dat is inmiddels mijn motto geworden. Ik denk dat ik de laatste maanden bewust of onbewust in een soort overlevingsmodus heb gezeten: het voelt alsof ik op zeker moment een verrekijker heb opgezet, heb gezien dat die horizon van het afstuderen en de toekomst en een carrière nu echt dichterbij aan het komen is en heb besloten dat er nu niets meer mag misgaan. Dat is ook letterlijk een paar keer door mijn hoofd gegaan: ik wil nu, juist nu, uitgerekend nu, gewoon niet instorten, niet mezelf voorbij gaan lopen. En dus heb ik heel erg geprobeerd me te focussen op een balans tussen studeren enerzijds en voor mezelf zorgen anderzijds: even geen doelen of takenlijstjes voor hobbyprojecten, even geen planningen voor hoe ik mijn vrije dagen wil doorbrengen, even geen gepieker over blogstiltes en een roman die ligt te versloffen – gewoon even niet. Gewoon even alleen maar mijn scriptie en voor de rest precies waar ik zin in heb, wanneer ik er zin in heb, hoe ik er zin in heb. Waar mijn hart me trekt, daar ga ik.

Het is één van de technieken die ik de laatste tijd heb leren gebruiken om ervoor te zorgen dat mijn afstuderen mijn gezondheid niet in gevaar brengt: het hoort in hetzelfde rijtje thuis als vrije weekends en woensdagen, uitloopwerkdagen, niet piekeren, maximaal twee dagen achter elkaar werken en focussen op kerntaken in plaats van lange takenlijstjes. En dat werkte een tijdlang best goed, voelde best goed: dat maakte het ook extra frustrerend dat mijn gezondheid toch instortte. Maar daar heb ik ook iets van geleerd: dat op die ‘’het gaat goed dus dan gaat het ook goed’’-koers willen blijven varen niet altijd een goed idee is. Dat freelanceklussen en spoken word-events er soms gewoon even niet bij kunnen, en dat het nu eenmaal ook tijd en energie kost om weer te herstellen na een dieptepunt.

Sowieso weet ik van mezelf dat ik soms nog best geneigd ben te vergeten dat ik ziek ben. Tegelijkertijd is jezelf in acht nemen ook niet altijd alles: je wilt ook de ruimte hebben om te leven, te proberen, af en toe eens een grens te overschrijden omdat wat je ervoor terugkrijgt het dubbel en dwars waard is, of een streep te zetten door je eigen regels. Omgaan met je eigen grenzen is iets wat, in ieder geval voor mij, altijd met vallen en opstaan gaat: er is nu eenmaal geen handboek voor chronisch ziek zijn. Je kunt proberen er zelf eentje te schrijven, en daar kun je best aardig in slagen, maar soms is luisteren naar je lichaam helemaal niet zo aantrekkelijk omdat wat je hoofd en hart willen zeggen veel aantrekkelijker klinkt, of omdat je hoofd en hart zo graag meer willen dan je lichaam aankan dat je het gewoon even niet meer weet.

Ergens is het ook best een geruststelling om me dit allemaal te realiseren: de afgelopen maanden heb ik oprecht een weg gevonden in die balans tussen voor mezelf zorgen en doen wat ik graag wil doen, maar als dat dan niet genoeg blijkt, niet blijkt te werken omdat mijn lichaam er toch met de pet naar besluit te gooien ook al heb ik nog zo hard geprobeerd dat te voorkomen… dan geeft dat ook een ‘’het is nu eenmaal wat het is’’-gevoel. Het ligt niet aan mij: ik kan er niets aan doen dat mijn lijf deze fratsen uithaalt. Ik kan alleen maar proberen om zo goed mogelijk met de flow mee te gaan en zo goed mogelijk voor mezelf te zorgen. Het is zoals Claire Wineland, een vlogger die dit jaar aan taaislijmziekte overleed na zich haar leven lang te hebben ingezet voor kinderen en jongeren met een chronische ziekte, zegt in haar YouTube-documentaire: ”You have to have a deep pride in your experience of life, a pride in what you’ve been through. By having something to give to the world, you automatically inspire yourself to take care of yourself.” Jezelf inspireren om voor jezelf te zorgen, zodat je tijd en energie en liefde en aandacht kunt investeren in de dingen waar je gelukkig van wordt, de dingen die jou definiëren, de dingen die jouw leven betekenis geven, de dingen die jou tot bloei doen komen, de dingen die voor jou de definitie zijn van ‘’het gaat goed’’… dat vind ik zó mooi.

En juist daarin schuilt voor mij de magie van me laten leiden door wat mijn hart me ingeeft en gaan waar mijn hart me trekt. Het is mijn manier om toe te geven aan wat mijn lichaam nodig heeft, maar ook om te kiezen voor wat ik écht wil in plaats van alles te willen. De ene keer ben ik bezig met mijn Tumblrblog over timemanagementgames of mijn Instagrampoëziepagina, dan weer schud ik een opiniestuk voor Medium uit mijn mouw of verdwaal ik in mijn notitieboek met Taylor Swift-songteksten. Er zijn dagen bij dat ik niets anders doe dan Queer Eye of The Good Place kijken en spelletjes spelen en er zijn dagen dat ik me onwijs gemotiveerd voel om allerlei klusjes te doen of freelancedingen op te pakken, en zomaar vanuit het niets kan er ook opeens weer een groep blogvlinders opvliegen. Ik denk dat het er voor mijn gevoel vooral om gaat dat ik mezelf helemaal nergens in push, dat ik van tevoren niet plan wat ik van mezelf moet willen doen, dat ik geen lijstje meer heb van wat ik op welke dag van de week wil doen en dat ik niet op mezelf ga lopen vitten als ik niet ‘’productief’’ ben geweest voor een hobbyproject – dat ik eigenlijk die hele productiviteit wat betreft hobbyprojecten het raam uit heb gemieterd. En man, dat voelt goed. Het voelt alsof ik zo vrij als een vogel ben en gewoon zonder ruis kan luisteren naar wat ik het liefste wil, en dat is zo ontzettend fijn, want het betekent dat ik ook zonder ruis van semi-moeten en quasi-willen me ergens helemaal in kan verliezen, op een ‘’het maakt me niets uit hoeveel projecten ik tegelijkertijd heb en of ik iets verwaarloos of inconsequent ben’’-manier. Noem het vlinderen, noem het freewheelen, noem het gaan waar mijn hart me trekt… ik vind het perfect.

En het mooie is dat ik merk dat het ook echt goed voor me is om op deze manier mijn dagen door te brengen. Mijn scriptie over expatkinderen en hun ondersteuningsbehoeften wat betreft taalvaardigheid en sociaal-emotionele gesteldheid is nog steeds machtig interessant en ik ben er ook nog steeds heel trots op: hoe verder het vordert, hoe meer grip ik krijg op de waarde van het onderzoek, zeker nu ik een docentenhandleiding heb ontwikkeld met richtlijnen voor leerstof en leerlingbegeleiding met taalontwikkeling als uitgangspunt. En ik vind het ook oprecht nog steeds leuk om mee bezig te zijn, maar… ik ben er ook heel eerlijk in dat het ook stress oplevert. Af en toe vraag ik me af wat ik nou eigenlijk aan het doen ben, en het is frustrerend om me te realiseren dat de einddatum steeds weer lijkt op te schuiven, steeds weer niet gehaald wordt, en om te bedenken dat ik, als ik niet ziek was geworden, nu al veel verder had kunnen zijn. Tel daarbij op dat ik af en toe ook aan het piekeren sla tijdens het wachten op feedback – heb ik het wel goed gedaan, wat als er heel veel dingen niet goed zijn, wat als ik nog meer vertraging oploop – en ik merk duidelijk dat ik mijn heartstrings-gefladder echt nodig heb om mijn hersenen af en toe uit te schakelen, te ontspannen en weer met een heldere blik te leren kijken naar wat ik al heb neergezet en weer even lekker te relativeren: wat die feedback ook wordt, ik maak er gewoon een nieuw plan voor en dan ga ik weer door, en elke stap is er eentje, en het is gewoon wat het is maar het einde is in zicht.

Het is ook een soort constante reminder voor mezelf: mijn leven staat dan wel in het teken van mijn scriptie en mijn afstuderen, maar er is nog zoveel meer. Er zijn scheutjes toekomstplannen en vleugjes freelancen, en of ik nou een middag lang dingen aan het doen ben die in de verste verte niet met mijn scriptie te maken hebben of erop uitga naar de Efteling of een karaokefeestje of gewoon naar een mooi bos… het herinnert me eraan dat er nog zoveel meer is in het leven en dat ik daar óók ruimte aan mag geven, dat ik af en toe juist even die rollercoaster van mijn scriptie moet verruilen voor een boottochtje door sprookjesland of een ritje in mijn favoriete darkride, die opwindend is maar zonder me volledig leeg te zuigen. Of, simpeler gezegd: een reminder dat ik mijn scriptiebubbel altijd mag en kan, soms zelfs móet, verruilen voor mijn Vivian-bubbel van al die dingen waar mijn hart vol van is, al die vlinders en kriebels  die aan me trekken.

Vorige maand heb ik zelfs het schrijven weer opgepakt: door alle buzz rondom Nanowrimo (waarbij je jezelf uitdaagt om in een maand tijd vijftigduizend woorden te schrijven) ging het kriebelen om mee te doen, en nou ja, kriebels zijn er om te volgen… en dus begon ik te plotten, te schrijven… met als resultaat een novelle (korte roman) van dik dertigduizend woorden die ik echt heel bijzonder geworden vind, en die me bovendien heeft geïnspireerd om aan de slag te gaan met een aantal ideeën voor korte verhalen die ik nu eens écht de kans wil geven. Het verhaal speelt zich af rond de jaarwisseling, dus ik ga kijken of ik het rond die tijd ergens online kan publiceren – want ik vind het te mooi om het niet op de één of andere manier met de wereld te delen, zeker omdat het is alsof ik daardoor weer een nieuw plaatje in mijn persoonlijke caleidoscoop heb gevonden.  

Ik denk dat ik heel lang het gevoel heb gehad dat serieus bezig zijn met je hobby’s ook betekent dat je er bewust tijd voor maakt, er tijd voor inplant, er doelen voor stelt en er heel bewust mee aan de slag gaat, maar dat is helemaal niet per se zo. Toewijding en trots en tevredenheid in wat je doet zijn niet gebonden aan tijd, of aan regeltjes die je vindt dat je moet stellen: juist dit vrijzinnige, dit ongedwongene, deze… vlinderpiloot maakt het voor mij heel fijn omdat ik hierdoor echt merk wat ik leuk vind en hoe ik dat wil doen, en daar word ik gelukkig van.

Het is een nieuw soort flow die me leert om rust te nemen wanneer dat nodig is, om te onderzoeken wat rust nemen op dat moment precies betekent, om lief voor mezelf te zijn en af te gaan op wat ik het liefste wil, om te erkennen wat ik nodig heb en mijn ding te doen… en dat gaat goed. Het bevalt goed. Het voelt goed. Of het nou Netflix is of drie boeken tegelijk lezen of vlammende Medium-stukken schrijven of met mijn LinkedIn klooien of moodboards en playlists maken voor een nieuw verhaal… hete is een manier om te genieten van het feit dat het goed gaat, om ervoor te zorgen dat het goed blijft gaan en om het oké te maken als het niet zo goed gaat. Ik vlieg, ik fladder, ik zweef, ik strijk neer en vlieg weer op. I let my heartstrings pull me where I want to go.

Gerelateerde berichten:

Reacties




CommentLuv badge