Hoe ik mijn lessen voorbereid

Onder Onderwijsvisie op 12 april 2016

Lessen voorbereiden

Lessen voorbereiden heeft bij mij een behoorlijke evolutie doorlopen. Het begon in het eerste jaar met de verplichte formulieren, in het tweede jaar leerde ik dat een beetje loslaten en werkte ik vooral met de methode en mijn eigen aanvullingen daarop en nu in het derde jaar ben ik weer een heel ander pad aan het bewandelen. Het ligt ook enorm aan de school en de leerlingen natuurlijk, en aan wat zij gewend zijn. Ik vind het heerlijk om een beetje te experimenteren en dat is maar goed ook, want als je heel erg vasthoudt aan je eigen maniertjes en voorkeurtjes lukt het niet. Maar ik denk nu dat ik een fijne manier van voorbereiden heb gevonden en die wil ik graag delen!

Concept en plannen

Het begint natuurlijk met een idee: dat bedenk ik meestal zelf, maar soms komt het ook van de docent bij wie ik stage loop omdat zij vindt dat de leerlingen wel wat extra uitleg kunnen gebruiken over het een of ander. Zelf een onderwerp bedenken is wel eens lastig: soms hergebruik ik een lesidee dat ik in een eerdere stage heb uitgevoerd en verbeter ik het met de kennis van nu, soms probeer ik iets nieuws te verzinnen – maar dat wordt natuurlijk lastiger naarmate je langer en vaker lesgeeft – en soms, of meestal eigenlijk, haak ik in op waar de leerlingen op dat moment mee bezig zijn. Zodra ik eenmaal heb besloten welk idee ik ga gebruiken, prik ik een datum voor de les. Meestal vertel ik dat dan ook aan de leerlingen en uiteraard aan mijn begeleider.

Opzetje maken

Ik bereid mijn lessen eigenlijk altijd op zondag voor, zodat ik maandag kan opladen voor de stagedag en me er vooral mentaal op kan voorbereiden (nadenken over de precieze uitleg enzovoorts). Ik vind het voorbereiden vaak lastig omdat ik van een idee naar een compleet lesplan moet en soms weet ik niet zo goed hoe ik het moet aanpakken. Het helpt dan enorm om in fasen te denken: in mijn stageboekje schrijf ik per onderdeel van de les op wat ik wil doen en wat erbij komt kijken aan opdrachten, uitleg en ander materiaal. Dus hoe ik voorkennis wil ophalen en aandacht wil richten (bijvoorbeeld met een brainstorm), welke uitleg ik ga geven en welke vragen ik daarbij aan de leerlingen stel, welke opdrachten ik ze geef – zowel tussen de uitleg door als daarna – wat ik met de uitkomst van het werk doe en hoe ik de les afsluit. Ik probeer ook in te schatten hoeveel tijd ik per onderdeel nodig heb, maar dat vind ik vaak lastig omdat het regelmatig uitloopt. Ik word hier wel steeds beter in, dat is fijn.

Lesmateriaal maken

Ik werk eigenlijk nooit vanuit de methode: ik heb zelf namelijk geen boeken daarvan en vind het fijner om mijn lesgeven te zien als een verlengde op de methode. Daarmee haal ik mezelf wel meer werk op de hals, want ik moet zorgen dat de leerlingen ergens mee kunnen werken. Nadat ik een beeld heb van hoe de les moet gaan verlopen, ga ik dus lesmateriaal maken: PowerPointslides of een stencil met uitleg en theorie voor de leerlingen, opdrachten en eventueel ander oefenmateriaal, zoals teksten. Hier ben ik meestal het langste mee bezig en vaak raadpleeg ik dan ook nog andere bronnen voor de uitleg, zoals internetsites of YouTube. Ik wil het natuurlijk allemaal wel goed kunnen uitleggen en dat helpt heel goed bij het vormgeven van de daadwerkelijke uitleg.

The day you’re willing to veer off the lesson plan, follow a kid’s lead, and learn with your students is the day you really become a teacher. – Krissy Venosdale

Docentenhandleiding maken

Dit doe ik pas sinds kort, maar het werkt erg fijn. Ik heb de neiging in de aanloop naar de daadwerkelijke les onzeker te worden: weet ik alles wel, ga ik niets vergeten, weet ik hoe ik het ga uitleggen en welke vragen ik ga stellen enzovoorts. Dan helpt het heel erg om dat allemaal nog eens op een rijtje te hebben. Ik maak dus een soort docentenhandleiding voor mezelf waarin ik stap voor stap beschrijf wat ik wil doen (met de nadruk op willen, want vaak genoeg loopt het anders) en welke dingen belangrijk zijn. Ook anticipeer ik in die handleiding op wat er zou kunnen gebeuren: wat als ik bijvoorbeeld niet uitkom met de tijd of juist teveel tijd heb, wat als er maar weinig leerlingen zijn of juist veel, wat als het te moeilijk blijkt enzovoorts. Zo ben ik daar op bedacht. De handleiding als geheel neem ik dan door voordat ik de les ga geven en heb ik tijdens de les ook op mijn bureau liggen zodat ik af en toe kan spieken, maar meestal is dat niet nodig omdat het er dan al zo in zit.

Reflecteren

Na het geven van de les reflecteer ik: ik probeer drie positieve én drie negatieve punten te formuleren en schrijf ook in één of twee zinnetjes op te schrijven wat ik de volgende keer wil doen als ik het onderwerp van de les nog voortzet. De positieve punten zijn meestal heel stabiel en de negatieve punten probeer ik mee te nemen in de volgende lessen die ik voorbereid. En zo is het cirkeltje rond! Grote kans dat dit riedeltje nog tien keer verandert, maar op dit moment is het een fijne werkwijze omdat ik het voor mezelf zo inzichtelijk en prettig mogelijk maak.

Bereid jij ook op een soortgelijke manier je werk voor?

Reacties

  • Nee, ik geloof niet dat mijn manier van lesvoorbereiden hier op lijkt. 😉
    Ik vraag me ook af of je het hiermee zou redden als je straks als gediplomeerd docent aan de slag gaat. Het klinkt nu of je de leerlingen een extraatje aanbiedt, wat natuurlijk superleuk is, maar niet wat de standaard is van het vak als docent.
    Ik krijg bijvoorbeeld maar 45% voorbereiding en nazorg, ben verplicht de boeken te gebruiken die op de boekenlijst staan en me aan de leerlijnen te houden.
    Die boekenlijst is bij ons geen methode die je van A tot Z doorloopt, maar je moet uit een stapel boeken de juiste info zoeken bij je vak. Nu zorg ik er wel voor dat ik zelf betrokken ben bij het ontwikkelen van die leerlijnen en daarnaast ben je als docent gelukkig ook vrij om je eigen sausje eroverheen te doen. Maar dat kost dus echt wel een hoop tijd. Tijd die je er niet voor krijgt.

    Maar hoe ik het wel doe:
    Adhv de leerlijn/lesplanner sprokkel ik de lesstof bij elkaar uit mijn eigen archief en dat van collega’s. Ik heb bijvoorbeeld een voorraadje prezi’s klaarstaan (inclusief filmpjes), die ik zo in kan zetten in mijn lessen. Daarnaast zoek ik iets wat bij de groep past om ze actief met de les aan het werk te laten gaan. Daarbij maak ik vaak gebruik van groepswerk en soms ook een testje wat ze op hun telefoon kunnen doen (kahoot is daar heel handig voor). Theorie en verwerking zet ik in steekwoorden in mijn notitieblok, de rest schud ik tijdens de les uit mijn mouw, bijvoorbeeld de koppeling naar de praktijk, bij studenten doorvragen hierover, samenvatten wat belangrijk is om mee te nemen naar hun opdrachten.

    Ik vind het trouwens wel leuk om te lezen hoe jij het aanpakt. En eigenlijk wil ik nog veel meer schrijven dan wat ik nu als reactie heb gegeven, dus misschien ga ik er ook wel een blog aan wijden. 🙂
    Jacqueline onlangs geplaatst…Dansjurk en -top gemaaktMy Profile

  • Bij mijn stage waren mijn voorbereidingen ook een stuk uitgebreider. In de praktijk heb ik daar echt de tijd niet voor. Soms moet ik een nieuwe lessenreeks maken en daar gaat uiteindelijk zo’n beetje al mijn voorbereidingstijd in zitten. Helaas is er (voor mij) niet echt een bruikbaar archief qua opdrachten die ik in kan zetten. Meer dan een doel voor de les en een ‘wat moet er vandaag gedaan’ worden, komt er niet (meer). Het kost teveel tijd en energie, tijd die ik liever steek in het ontwerpen van nieuwe opdrachten.
    Emmy onlangs geplaatst…Zilveren zicht (De Anderen #3) – Anne BishopMy Profile

  • Wat tof hoe je dat reflecteren doet! Zo haal je er de goede punten en minder goede punten uit, waar je lekker mee aan de slag mag. Ga ik even onthouden!




CommentLuv badge