5 manieren om een plot uit te werken

Onder Schrijven op 24 september 2016

img_6306_blank

Als je eenmaal een schrijfplan hebt gemaakt voor je verhaal met alle belangrijke informatie, je hebt waarschijnlijk al nagedacht over je personages en je hebt zo langzamerhand wel heel veel zin om te gaan schrijven, maar… hoe ga je dat nou aanpakken? Je barst van de ideeën voor wat er allemaal moet gebeuren, maar het zijn er zoveel dat je geen idee hebt waar je moet beginnen. Juist daarom is het zo’n goed idee om eerst je plot uit te werken: op die manier schets je als het ware de verhaallijn en weet je straks tijdens het schrijven precies waar je naartoe moet! En dat kun je op veel verschillende manieren doen: ik leg er een paar uit.

In een schematisch overzicht

Je kunt het heel strak aanpakken als je dat fijn vindt: maak een tabel in Word met een kolom voor de hoofdstuknummers of –titels, een kolom voor de scènetitels en een kolom voor korte scèneomschrijvingen. Per hoofdstuk ga je dan bedenken wat erin moet gaan gebeuren en hoe dat zich precies moet gaan voltrekken: zo kun je steeds terugvallen op die tabel als je niet meer weet hoe je verder moet. Het nadeel is dat je minder snel geneigd bent om ervan af te wijken en dat kan een blokkade opleveren – en dat willen we niet!

In een tijdlijn

Vind je de chronologie van je verhaal belangrijk? Probeer dan eens een chronologie te maken van de gebeurtenissen in je verhaal. Baken de periode af waarin het zich afspeelt – bijvoorbeeld op de kop af één jaar – en werk met belangrijke data of periodes. Zo weet je wat er als volgende komt en heb je het mooi overzichtelijk, maar het nadeel is wel dat je heel goed moet weten hoe je werkt met tijdsprongen en hoe snel de tijd verstrijkt.

Per verhaallijn

Vaak denk je tijdens het plannen van je plot niet in hoofdstukken of chronologieën, maar in verhaallijnen: je hebt als het goed is meerdere verhaallijnen die aan de gang zijn en die in elkaar overgaan of door elkaar lopen en het kan goed werken om die per stuk uit te werken zodat je ze ook per stuk kunt schrijven. Heb je bijvoorbeeld een verhaallijn die gaat over hoe Pietje een auto wil kopen en op zoek is naar dé perfecte auto, dan schrijf je op welke scènes er allemaal in die verhaallijn vallen. Dat prikkelt ook meteen de inspiratie én je hebt het goed duidelijk voor ogen. Nadeel is wel dat het minder goed werkt met verhaallijnen die echt door elkaar lopen, maar zelfs dan kun je de scènes nog wel uitwerken.

img_6304_blank

Als losse scènes

Wat soms ook gewoon heel fijn is, is om het allemaal niet zo gestructureerd aan te pakken maar gewoon de losse scènes te schrijven. Vaak heb je nog vóór je begint met schrijven al heel veel ideeën voor scènes en verhaalmomenten en als je die gewoon kort voor jezelf uitschrijft – soms werkt het ook goed om ze daadwerkelijk al helemaal te schrijven – dan kun je daarna zogenaamde bruggetjes gaan slaan tussen die scènes. Kan prima werken, maar het levert vaak ook een blokkade op doordat juist die bruggetjes lastig zijn.

In verhaalvolgorde

Hiermee combineer je eigenlijk alle bovenstaande manieren: je begint bij het begin, dus met de eerste scène, en van daaruit werk je verder. Vaak krijg je bij het uitwerken van scènes al heel veel inspiratie voor hoe het verder moet gaan en leidt het één tot het ander, maar het kan ook zijn dat je hier snel in vastloopt. Wat dan goed helpt, is het uitproberen van bovenstaande manieren om een idee te krijgen van wat goed werkt. Bedenk in ieder geval: het is jouw verhaal, dus het maakt helemaal niets uit hoe je het doet! Je hoeft de scènes niet in chronologische volgorde uit te werken als je daar geen zin in hebt en bedenk ook vooral dat je niet alles tot in detail hoeft te plannen: geef het verhaal ook de mogelijkheid om een loopje met je te nemen en zichzelf te schrijven, want dat zijn de fijnste momenten van schrijven én de beste passages!

Hoe werk jij de plot voor jouw verhalen uit?

 

Gerelateerde berichten:

Reacties




CommentLuv badge